Ienke Kastelein

Ik heb geen kinderen nee, nooit gewild ook, geen flauw idee waarom. Zelfs dat heb ik me nooit serieus afgevraagd, dus ik denk wel dat ik het meen.

Het was afgelopen dinsdag volgens mij dat ik er over nadacht tijdens een wandeling door de stad en het gevolg van de keuze weer tot me doordrong. Dat ik met mijn leven een punt zet achter mijn achternaam, in ieder geval achter die van mijn familietak.

Het moet mooi zijn om je echo terug te horen in een onbevangen versie van jezelf. Om je vaders ogen bewonderend naar je te zien kijken met de glimlach van een kind van vier.

Zonder dat kind hou ik mijn eigen jeugd maar levend, al lijkt het me eigenlijk hygiënischer om dingen door te geven, stromend water gaat niet stinken, zoiets, woorden van die strekking.

Ienke Kastelein: ‘Mirror me’, 2010
Collectie: Centraal Museum, Utrecht

Dus dan kijk ik maar naar mezelf en naar mezelf als kind, en hij kijkt naar zichzelf en dan daarna naar mij. Met m’n vaders ogen weliswaar, maar alle ogen zijn uiteindelijk toch weer die van mij.

Het kind snapt het nog altijd niet en ik krijg het hem niet uitgelegd. Hij mij ook niet trouwens, dus dat vragen houdt dan ook wel ergens op.

Dus dan kijken we wat om ons heen en kletsen over en weer, totdat een van ons iets grappigs zegt en we samen schaterlachen. We lachen met mijn moeders mond, maar ook met die van tante Maria.



Please follow and like us:
onpost_follow

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *